Hoe maak je steppegras friet?
- Was de Bintjes (of een ander geschikt aardappelras) heel goed om alle vuil en aarde te verwijderen. Dit is belangrijk, aangezien we de schil van de aardappelen niet zullen verwijderen, maar de frietjes natuurlijk wel goed schoon moeten zijn.
- Snijd de aardappelen met een mandoline in zeer dunne julienne van ongeveer 2 mm op 2 mm. Het is belangrijk dat de frietjes zo dun mogelijk zijn, zodat ze mooi krokant worden. Dit is het kenmerk van steppegras friet de extreem dunne, fijne reepjes aardappel.
- Bewaar de gesneden frietjes in een kom met ijskoud water om het zetmeel uit de aardappelen te trekken. Dit helpt om de frietjes krokanter te maken tijdens het frituren. Laat de frietjes minstens 30 minuten in het water weken. Het is belangrijk om ze goed droog te deppen voordat je ze verder gaat bereiden.
- Verhit de friteuse, frituurpan of een pan met olie tot 140°C - 150°C. Bak de dunne frietjes in kleine porties voor de eerste keer. Het doel is om ze goudbruin te bakken zonder dat ze te krokant worden. Dit duurt meestal ongeveer 3-4 minuten. Haal ze uit de olie en laat ze uitlekken op keukenpapier.
- Verhoog de temperatuur van de olie naar 180°C voor de tweede bakronde. Bak de frietjes nu een tweede keer totdat ze echt krokant en goudbruin zijn. Dit duurt ongeveer 2-3 minuten. Haal ze uit de olie en laat ze nogmaals uitlekken.
- Maak de steppegras frieten af met een beetje zout voor extra smaak. De licht zoute afwerking maakt de frietjes extra lekker.
Aandachtspunten
- Zorg voor gelijkmatige friet! Hoewel u superdunne frietjes wilt, kan het te dun snijden de frieten breekbaar maken of ervoor zorgen dat ze te snel verbranden. Zorg bij het bakken voor consistentie door de frieten op hetzelfde formaat te hebben. Hiervoor raden wij aan een mandoline te gebruiken.
- Bak niet alle frietjes in één keer! Als je te veel frieten tegelijk in de olie doet, daalt de temperatuur van de olie erg snel. Dit betekent dat de frieten niet op de juiste temperatuur worden gebakken.
- Bak de frieten in twee rondes! Het bakken van frieten in twee stappen (een lage temperatuur voor de eerste ronde en een hogere temperatuur voor de tweede ronde) zorgt ervoor dat ze van binnen gaar zijn en van buiten krokant. Als je dit overslaat en de frieten maar één keer bakt, kunnen ze te zacht worden of niet de gewenste krokantheid bereiken.
- De frieten te lang in de olie laten zitten! Als je de frieten te lang in de olie laat, kunnen ze verbranden of juist te hard worden. Ze moeten goudbruin zijn en krokant, maar niet te donker of te droog.
- Laat de frieten niet afkoelen! Vers gebakken frieten zijn het lekkerst als ze direct uit de frituurpan komen.
Samenvatting van de belangrijkste valkuilen:
- Niet goed inweken en droogdeppen.
- Te veel frieten in de friteuse stoppen.
- Olie niet op de juiste temperatuur.
- Frieten te dun snijden of onregelmatig.
- Niet twee keer bakken (voor- en nabakken).
- Frieten te lang bakken.
- Niet afwerken met zout.